SAMENWERKSESSIE “Lessen uit 1 jaar Blended Onderwijs”

Dat er ooit een periode ná onderwijs met Corona-beperkingen komt, weten we zeker. Maar hoe ziet dat nieuwe onderwijs er dan uit? Met de deelnemers in deze sessie hebben we gekeken welke lessen van het afgelopen jaar we kunnen leren en gebruiken om het nieuwe onderwijs vorm te geven. Met ongeveer 50 deelnemers hebben we aan de hand van stellingen de afgelopen periode en het toekomstig onderwijs verkend. De deelnemers hebben eerst alle stellingen zelf ingevuld, en zijn daarna in groepjes van drie met elkaar in gesprek gaan. Dit heeft niet alleen mooie conclusies en suggesties opgeleverd, maar ook inzicht in welke vragen er nog beantwoord moeten worden.

De komende tijd zullen wij in onze webinars en blogs proberen antwoord te geven op deze vragen.

Hieronder kun je de uitslagen van de poll terugvinden met een paar uitgewerkte highlights. Klik voor de volledige padlet op de onderstaande button:

"De eenheidsworst moet er af"

Uitslagen van de poll:

1. In het 'nieuwe normaal' zijn minimaal 50% van de lessen online. Eens: 49% Oneens: 51%

2. Mijn rol als docent is online als offline hetzelfde. Eens: 28% Oneens 72%

3. Ik heb beter zicht op het leerproces van mijn studenten tijdens een online les dan een offline les. Eens: 21% Oneens: 79%

4. Tijdens een online les kun je studenten nauwelijks motiveren. Eens: 13% Oneens: 87%

5. In onze opleiding wordt meer informeel (formatief) getoetst tijdens online lessen. Eens: 54% Oneens: 46%

6. Het onderwijs van vóór corona is achterhaald. Eens: 64% Oneens: 36%

7. Ons curriculum moet op de schop n.a.v. de corona-periode. Eens: 49% Oneens: 51%

8. De opgelopen achterstanden van studenten zijn niet meer te repareren. Eens: 8% Oneens: 92%

Stelling 1: In het ‘nieuwe normaal’ zijn minimaal 50% van de lessen online.


Conclusie: Hoe de verdeling in de toekomst gaat zijn is afhankelijk van de opleiding, doelgroep, inhoud, niveau en student. 40% online, 60% offline is een uitgangspunt binnen het mbo. Echter zou een deeltijdopleiding uit kunnen gaan van minimaal 50% online en een hbo voltijdopleiding rond de 30% online. Er worden verschillende verhoudingen genoemd.
Online onderwijs zal gegeven worden als het kan en wanneer er meerwaarde is. Voorbeelden: flipping the classroom is een echte meerwaarde. Hiermee creëren we meer tijd om tijdens fysieke bijeenkomsten te begeleiden. Examens en CGI’s werken prima online. Contact blijft enorm belangrijk. Praktijklessen moeten plaatsvinden op de opleidingen.

Belangrijkste les: Alleen fysiek onderwijs is achterhaald. Fysieke contactmomenten zullen optimaal gebruikt moeten worden. Niet om vooral theorie over te brengen, maar om samen aan de slag te gaan.

Vraag: Is er één programma dat alles dekt voor het online werken?

Stelling 4: Tijdens een online les kun je studenten nauwelijks motiveren.


Conclusie: Studenten moeten zich gehoord en gezien voelen omdat anders de inhoud van het onderwijs ook niet bij ze landt. Veel is afhankelijk van de doelgroep. 100% online betekent minder contact met studenten en daarmee kun je ze minder motiveren. Echter wordt er ook aangegeven dat je online juist snel in contact kunt komen met studenten in kleine groepen. Er is vaak veel interactie en ook tijdens 1-op-1 gesprekken kun je prima in contact komen met studenten. Het is makkelijker om gastdocenten uit te nodigen en de reistijd wordt verlaagd. Voor sommige doelgroepen zoals niveau 2 studenten is het lastig om studenten er bij te houden en ervaren we dat er meer studenten afhaken.

Belangrijkste les: Formuleer gedragsverwachtingen, zorg voor structuur en zorg voor variatie (actief luisteren, opdrachten maken (individueel en in verschillende groepssamenstellingen), casuïstiek, bied keuzes aan en concentreer je op studenten die meedoen. Maak afspraken in je team over toolgebruik zodat je wel varieert én tegelijkertijd studenten niet ‘tool-moe’ maakt. Bovenstaande is afhankelijk van de doelgroep, stem hier goed op af.

Vraag: Hoe kun je (mbo niveau 2) studenten motiveren die ook op school snel afhaken?

Stelling 6: Het onderwijs vóór corona is achterhaald.


Conclusie: “Het ophokken is nu echt voorbij”. Studenten moeten keuzes kunnen maken, theorie kan online gegeven worden en op eigen tijdsstip bekeken worden. Formatief toetsen kan ook online. Scholen moeten een visie (her)ontwikkelen, want alleen fysiek onderwijs is achterhaald.

Belangrijkste les: Door Corona hebben we het belang van differentiëren gezien en hebben we in de pedagogiek en didactiek genoeg handvatten om ons onderwijs meer op de student vorm te geven.

Vraag: Hoe houden we de positieve dingen vast, en zorgen we dat we niet in de oude valkuilen trappen?